Natuurinclusief inrichten: verder kijken dan gebouwen voor meer biodiversiteit

Natuurinclusief bouwen is bezig aan een grote opmars: in steeds meer bouw- en renovatietrajecten wordt rekening gehouden met de lokale flora en fauna. Dat is gunstig, maar er moet daarbij ook grondig naar de openbare ruimte worden gekeken. Door deze ook natuurinclusief in te richten, worden wijken gezonder, groener, klimaatbestendiger én vaak ook een stuk mooier.

Eelerwoude-ecoloog Gerard Lubbers vertelt meer over dit onderwerp.

“De verbinding tussen mensen, gebouwen en natuur is belangrijk: daarom spreek ik ook liever niet van natuurinclusief bouwen, maar over natuurinclusief inrichten,” zegt Gerard.

Bij natuurinclusief bouwen wordt er bij de bouw of renovatie rekening gehouden met de dieren in een gebied, door bijvoorbeeld inbouwstenen voor vogels en vleermuizen toe te passen, stootvoegen open te houden en ruimte te maken onder dakpannen voor nesten. Een natuurinclusieve inrichting betekent dat er niet alleen naar de bouwkundige elementen gekeken wordt, maar ook naar de ruimte eromheen. Gerard: “En dat is eigenlijk helemaal niet zo ingewikkeld. Als je denkt: ‘goh, wat is het hier mooi’, omdat er bijvoorbeeld veel bloemen bloeien en verschillende bomen staan, dan zit het vaak voor de dieren ook wel goed.”

5 V’s als richtlijn

Hoe doe je dat: succesvol natuurinclusief inrichten?
Gerard: “Door goed naar de omgeving te kijken. Er kunnen nog zoveel nestelplaatsen zijn voor mussen, als er niets te eten is, blijven ze alsnog weg. Dus dat betekent niet alleen kijken naar de bouw, maar ook naar de hoeveelheid groen in de wijk.

Ik ga altijd uit van de 5 V’s: verblijfplaatsen, voedsel, veiligheid, verbinding en variatie. Diverse soorten planten en bloemen, een veilige verbinding tussen groene plekken in een wijk of stad en met het natuurlijke landschap eromheen, en genoeg plekken om voedsel te vinden. Daarin kan de gemeente vaak ook een belangrijke rol spelen door ander groenbeheer.”

Alles onder één dak

Wat doet Eelerwoude?
“We hebben bij Eelerwoude veel ervaring met natuurinclusief bouwen en inrichten. We kunnen woningcorporaties, projectontwikkelaars en andere bouwers veel werk uit handen nemen - zowel bij de planvorming als het ontwerp.”, zegt Gerard, “Het grote voordeel van Eelerwoude is dat we alle disciplines in huis hebben. Als ecoloog kan ik je alles vertellen over de flora en fauna in een gebied, planologen kennen de weg door alle wet- en regelgeving en daar kunnen de landschapsarchitecten vervolgens een passend ontwerp en advies bij geven.”

Een natuurinclusieve inrichting betekent dat er niet alleen naar de bouwkundige elementen gekeken wordt, maar ook naar de ruimte eromheen.

Gerard Lubbers
senior adviseur ecologie

Sneller ontwikkelen met een soortmanagementplan

Hoe houd je snelheid in je project?
Het opstellen van een soortmanagementplan (SMP) kan, zeker bij grootschalige projecten, een mooie eerste stap zijn. Gerard: “Bij het opstellen van een SMP brengen we vooraf de populaties in een groter gebied in kaart en kijken naar de verwachte projectontwikkelingen. Dat vatten we samen in een SMP, waar ook in staat hoe de opdrachtgever met de aanwezige soorten om zal gaan, bijvoorbeeld door natuurinclusieve maatregelen te treffen. Met een SMP kunnen opdrachtgevers een vergunning aanvragen voor een langere periode. Hierdoor is het makkelijker om te bouwen, slopen en renoveren én kunnen organisaties op tijd maatregelen treffen om de fauna te beschermen.”

Enthousiaste bewoners

Natuurinclusief bouwen klinkt als een extra inspanning. Is dat zo?
“Natuurwetgeving en gemeentelijk beleid vraagt ontwikkelaars om rekening te houden met de omgeving bij projecten, terwijl veel woningcorporaties ook voor een grote duurzaamheidsopgave staan. Dat zorgt er wel eens voor dat men met de handen in het haar zit. De belangrijkste drijfveer voor natuurinclusieve inrichting zou moeten zijn dat het leuk is. Het is leuk om ermee bezig te zijn en bewoners zijn vaak ook enthousiast.”

Vanuit bewoners worden er al veel inclusieve projecten opgepakt, zoals in Hardenberg. Daar heeft een groep buren de achtertuinen opgeofferd om een gezamenlijk park te maken. Gerard: “Zonder schuttingen kunnen bijvoorbeeld egels zich makkelijker verplaatsen. En doordat dit vanuit de bewoners zelf komt, is er veel meer draagvlak dan wanneer het van bovenaf wordt opgelegd.

Natuurinclusief hoeft ook niet duurder te zijn. Meer ruimte voor groen in de wijk leidt tot minder overlast door stortbuien of hittestress, waardoor aparte maatregelen niet nodig zijn. En mensen wonen graag in een groene wijk. Kleine ingrepen leveren grote voordelen op, voor het klimaat, de kosten én het woonplezier.”

Benieuwd welke kansen er liggen voor jouw project of gebied? We sparren graag over een natuurinclusieve aanpak die werkt.